Terug naar Verhalenoverzicht

SINTERKLAAS EN EVOLUTIE (1996)

LS KLEUTER geloofde ik in God en in Sinterklaas.

Volgens mijn vader schreven beiden je zonden in een boek.

 

 

Maar op het laatste oordeel kraste de Here demonstratief alles door.

Beiden beschikten over een onbegrijpelijke inlichtingendienst.

Dat die van Sint op 6 december na inning der spullen voorlopig geen kwaad kon vond ik jaarlijks bevrijdend.

Op school trachtte men je te bewegen tot 'liefde' voor de Heer. Als kind experimenteerde ik daarop enthousiast een dag lang met de opwelling dat ik zendeling zou worden. Om vervolgens doodnuchter te constateren dat ik bij gòd niet begreep hoe je van die Here houden kon. Net zo verging het me trouwens met mijn eerste onderwijzer, na jaarlijks verliefd te zijn geweest op een onderwijzerès. Nee homofiele gevoelens heb ik nooit op kunnen brengen.

Maar het Sinterklaasfeest verwekte in mij als kleuter zowat de warmste gevoelens die ik in mijn leven ervoer. Bij een Heer die te eigener ere liet zien hoe hij je zonden doorkraste voelde ik me unheimisch. Maar de snorrende multinational van Sint Nicolaas die met militaire timing iedereen tegelijkertijd (als ware het een veld-effect) jaarlijkse verlichting bezorgde, leek me bij het opgroeien ideaal voor sollicitatie; pak'm beet: helicopter- of watervliegtuigpiloot in dienst van de Sint.

Totdat mijn moeder plots uitflapte: "Ach Sinterkláás, die bestaat niet eens!"
Zij claimde zèlf de spullen in mijn schoen te hebben gedeponeerd volgens het samenzweringsmodel. Genuanceerde afweging van alle factoren leek mij echter aanbevolen ten gunste van het schoorsteenmodel. Ik meende mijn moeder namelijk te betrappen op een truc om de jaarlijkse sinterklaaszenuwen uit te bannen en baseerde me vooralsnog op eigen overzicht. Niet slechts werd Sinterklaas bij ons thuis gewoon doorgevierd, ook de dagbladen publiceerden een vloed aan bewijs, welke ik uitknipte voor het dossier. De advertenties voor mijn illegale luchtvaartmaatschappijtje HeinsAir bevatten daardoor rond november tot in recente tijden roofdrukken van Sinterklaasreclame uit Het Parool van midden Vijftiger Jaren.

Weet u zelf nog het ogenblik waarop u te verstaan kreeg dat Sinterklaas niet zou bestaan? Dat is net als wanneer je mensen vraagt wat ze deden toen werd meegedeeld dat president Kennedy was vermoord (op 22-11-1963) of toen de Twin Towers werden getorpedeerd (11-9-2001) of bij de linkse politieke moord op Pim Fortuyn (6-5-2002).
Ikzelf zat in 1963 bijvoorbeeld op een instuifavond van de kerk toen de chef-jeugdwerkleider dhr. Stigter ontdaan binnenstapte en de draaiende film stopte om ons met het nieuws te confronteren. De jongens bespraken direct (als de Russen de moord gepleegd hadden) of de Amerikaanse kernraketten die nacht dan over Europa zouden gaan - neen: over Alaska was korter.

Samengevat: van 'God' houden leek me kolder, dus op een kwaje dag vatte ik vlam voor een godin. Echter een godin die van haar gelovige ouders niets mocht. Ik bazuinde direct rond dat de Heer niet bestond. En zwaaide met de nieuwe editie van Prisma's Vreemde Woordenboek waarin ook de lijst chemische elementen stond vermeld. Het mocht mijns inziens typerend heten voor het lage aanzien van maagdelijkheid in de wetenschap, dat men het scheikundig element Virginium (ranggetal 85) bleek te hebben omgedoopt in Astatium (onstabiel).

Mijn godin en ik besloten tevens dat de Creatie helemaal niet in zes dagen kon zijn afgeraffeld (al mocht dit de constructiefouten verklaren) en kozen voor de evolutietheorie.

Haar ouders zagen ons al branden, eerst van hartstocht als een stel, dan als verdoemden in de hel. In dit klimaat van repeterende breuken viel Sinterklaas niet christelijk meer te vieren!

Maar wie niet in de hel gelooft die komt er ook niet in. Gedachten ontwikkelen over God is evenredig met tandenpoetsen: hoe fanatieker je het doet des te langer moet je ermee leven. God als de bron der evolutie verklaart niks. Sinterklaas is de bron der geschenken en dat verklaart alles want een actiegroep jeugdigen heeft zijn pakhuis bezet. Zij eisen op grond van de Wet Persoonsregistratie gebruik van inzage- en wijzigingsrecht. Zij willen mogen checken of ze wel geboekt staan voor ontvangst van merkschoenen, MP3-afspelers en een volgende generatie GSM.
Als kind moest je opboxen tegen je rechtse ouders en nu tegen je rechtse kroost. Wat een bevrijdende gedachte: de volgende eeuw zijn hùn kinderen weer heel spiritueel. En spiritueel is het tegenovergestelde van godsdienst want van de laatste moet je andermans fouten maken maar bij de eerste die van jezelf. Niet dat het voor dames wat uitmaakt want alle godsdiensten onderdrukken de vrouw en het spirituele India is één der meest vrouwonvriendelijke landen op aarde.

Toevallig zeg. Spiritueel-achtige mensen roepen altijd dat toeval niet bestaat maar als dat zo is bestaat er ook geen vrije wil dus toeval moet ook wel bestaan want licht is ook ondenkbaar zonder de mogelijkheid tot duister. En vrije wil is weer essentieel voor het spirituele zelfscheppingsgeloof. Maar in strijd met de kreet 'het moet zo zijn'. Alsof je dat kan overzien. Nou ja, als iets zo moet zijn dan heeft God geen keus en Sinterklaas al helemaal niet.

Maar het is een ongelukkig toeval, om niet te zeggen een kardinale tegenvaller, dat de mobiele telefoon eerder is uitgevonden dan het priesterambt voor vrouwen, want dankzij de GSM is de kardinaal te allen tijde bereikbaar bij de prostituee. Maar goed, iedere secte heeft zijn gekte, doch niets is helender dan de waarheid en niets is verhelender dan haar maskeren, hetwelk geen pleidooi is voor een kale kop.

Wat dat aangaat is het een gelukkig toeval dat jeugdige kankerpatiënten er dankzij chemotherapie uitzien als gezond meelopende tieners.

Ach mensen ik hou het kort: nergens beter spreekt het vrouwelijk minderwaardigheidsgevoel dan in de trend om in namen van beroepen bij vrouwen de mannelijke vorm te kiezen. Zo zijn we toch weer af bij God want die schiep eerst de man en toen de 'mannin' zegt de Bijbel. En als het Journaal een vrouwelijke leerkracht interviewt staat eronder "leraar" en bij de vrouw van een agrariër "boer" en bij Maxima "koning".

Godsdienst is gespletenheid en popcultuur is de tegenwoordige opium van het volk.

KWATRIJN
Klonk elke pop als Pavarotti:
luidde elke toonkunst wèl;
in melodische proportie:
zat de duivel in de hel.

WIM HEINS

Terug naar Verhalenoverzicht