Terug naar Verhalenoverzicht

VROUWENWRAAK (1980)

N DE DIRECTIEKEET van Bos Kalis aan de Vinkeveense plassen worstelde ingenieur Willie Bos met een beker bijtend zwartwaaksel teneinde de dampige aanslag van een kater weg te bleken.
"Het was lollig, alleen bier op wijn, om zo te zeggen, geeft venijn."

 "Maak de ochtendpost open, jongeheer," bromde zijn voorganger. Terwijl Willie's grijphanden lokfolders en neringnota's manipuleerden maakte zich een verteringsgas los uit de poel onder zijn strot, waarop de toehoorders zacht vernamen: "Godgelasterd dat ik als compagnon van me vader post af moet leggen!" Hij tuurde zijn verwekker beneveld vanonder het lage voorhoofddeksel aan. De platte ogen en de wijsneus waren beschuldigend op de oude heer gefixeerd. "In Amsterdam mag je het aan de tiepmiep geven, voordat ze haar steno in de slagschrijver klopt. Maar als we te velde zijn... Ik ben zelf trouwens ook begonnen als leerling kruipvaagsel..."

Willie had zich al weer afgewend, schroefde een tweede gloeipot open, schonk een beker waaksel uit en sleepte zijn bloederige blik door een dreigschrift van het Amsterdamse stadsbestuur. "Moet je dit nou kijken Pa! Het College van Meesterburger en Aanhouders betwijfelt of we zand voor de Metropolitoer blijven krijgen... Gedeputeerde Staten zal de concessie alleen verlengen als Vinkeveen geen dwarsvoeten plaatst..."

De oude heer reutelde op staande voet een gevolgtrekking uit zijn rochelpijp: "Nou dan zuigen we voor 1 mei de zandput tot de bodem uit."

Willie trapte de stoel onder zijn eigen vandaan.

"Maar Pa een extra zuigsmoel kost ons tienduizend box per 24 klop! Laten we eerst Vinkeveen de polsen gaan branden!"

"Dat heb ik al drie keer gewrocht. Ze zijn daar zo rood als een hanekam, jongeheer. Meesterburger Wittekruid lag vorige maand al te kleumen dat we het onderste nu wel uit de zandput hadden geslikt. Die buitlui proberen ons af te zuigen."

"Dat hangt af hoe je met ze gluipt Pa!"

Voor het eerst op deze druilmorgen signaleerde men dat er bij Willie een lachje gepermitteerd was, in casu een mitraillerend keelgeratel als ware hij een vogelijn in de krolmaand.

Er smeulden maar twee groene lampionnen in de recreatiezaal van het Vinkeveense jeugdhonk "Luistervink".

Babs wilde nog talmen met vluchten, want hoopte dat ze toch nog zomaar gevraagd zou worden door een jaagjoch. Er schalde nog knotsmuziek uit de boxen maar niemand ging triptrappen. Overbezetting in de trancehoek was er vanavond niet geweest. Door een drukfout was de formatie Sexagesima aangekondigd als vervelende popgroep in plaats van als wervelende popgroep. Thans zorgde het combo zelfbegrijpend voor ontstentenis. Babs ging bij een paar andere teentellers onder een lampion zitten en bladerde een discoporblad in. "Waarom leuke meisjes vriendjes krijgen" luidde een titel. Juist toen Babs wou gaan leerlezen beweerde een stem: "Dat is tochs niks voor jou; jij kan vriendjes krijgen op een wachtlijst."

Babs blikte in het smoelgeborchte van een manneke met de pafferige oogjes van iemand die een opgekropte lachbui verheelt. Hij zette zich naast haar en sjorde aan zijn hangsnor. "Bij ons in de officiersmess zit er heel wat meer leven in de ronkerij. Ja ik ben luchtmachtcadet. Ik leer vliegen op de Imposer, die ken je wel, maar nu heb ik paasvakantie." Tof legde hij kleine details met grote nadruk aan Babs op. Even later luidde het weer dat hij werkeloos sociaal werker was, thans zwartwerkend als schoorsteenveger. In ieder geval gaf hij Babs het gevoel dat zij net zo mieters was als hijzelf. Vooral die hangsnor en die vernikkelde ketting om zijn pols vond ze finaal het einde net als dat te gekke lachje dat hij uitkakelde. Toen hij er verder voor zorgde dat alle toerpubers eindelijk eens begonnen te trancehippen had hij het bij haar helemaal tot Jezus Christus geschopt.

Opzichtig ook hoe snel hij het versierde bij haar pa. Andere jongetjes hadden altijd moeite met zijn aanblik. Hij legde wel oogcontact op, maar nooit met twee tegelijk. Welk orgaan was valide? Dus keken ze maar naar zijn pokdalig voorhoofddeksel. Willem bralde onbekommerd met vader mee. "Zegt u dat zeker meneer. Zo'n kerel uit Den Haag, om zo te zeggen, die zelf in een braniebunker woont, die bekonkelt in zijn eentje dat zo'n kapitalist als Amoco het Naardermeer leeg mag zuigen. Excusez du peu!" "Ja het zogeheten economisch nut heeft zijn laisser-faire loop weer eens uit kunnen vieren." Willem dan weer: "Trouwens hier in Vinkeveen schijnen ze er ook maar op los te lebberen. Dat is zeker comme il faut." "Ja dat is Bos Kalis. Ze zuigen voor de miljoenenbouw van de Amsterdamse Metropolitoer. Die is namelijk zwaarwichtiger dan het milieu, gesnopen?" "Ja dat ken ik monneer," kakelde Willem, "maar u als Aanhouder Milieuzaken heeft misschien wel lagen om daar wat tegen te donderen." "Ja, ja, zeg ik begin sluim te krijgen." "Daar durft u liever niet over te kleppen?" "Ach, weet je wat het is... Nou, jou kan ik het best blootstinken als je je deksel maar houdt. Per 1 mei trekt Gedeputeerde Staten op ons dringend smeeksel de concessie in. Dat is een stadsgeheim, gesnopen? Een topsecreet, hahaha, ha, ha eh."

Er viel een stilte in de kamer. Uit de toren van het raadhuis weerklonk de hamerslag van half twaalf gevolgd door een spiegelglad veld van nagalm. Men luisterde toe zoals op zangles naar de stemvork.

Omdat ze het zo'n fatsoenlijke druil vonden vroegen Babs' ouders Willem de volgende avond, toen hij riep: "Weer dat programma Vlieg er eens Uit! Vloog de TROS er zelf maar uit!" of hij soms met Pasen mee wilde naar hun kneuterhuis op een plukland midden in de Vinkeveense Plas, want De Bilt had verspreid voorkomende natjes maar ook droogjes voorgespiegeld. "Misschien kunnen we zonnebraden!" toeterde Willem. Babs was erg blij met haar nieuwe verkering. Wonderbaar zo onverzettelijk als hij zich aanpaste aan het familievertoon, zo wraakgierig als hij met vader meetierde over het zandzuigen. Babs hoopte wèl, op het eiland hand in hand met hem te kunnen grazen. Maar de familie was die zaterdag ternauwernood aan land en de drempel van het zomerhuisje over of er trok een siddering door de onderwereld. Babs' verwekker rende naar buiten en tureluurde over de plas. "Dacht ik het niet?! Er is een drijvende bok bijgekomen!" Het spiegelwater wiegde gladjes. Een kloeke fuut dook onder en plensde weer boven. In de heinde lagen industrieelkleurige baggerdraken. "Die kapitalisten," vuurde vader, "zijn met dubbele kracht het zand uit de aardbodem..."

Verder reikte hij niet want op dat ogenblik werd er als het ware een stuk van de oever afgehakt. Een reep van het plukland verzonk in de diepte en maakte plaats voor een dronken vloed van schele golven. "In de boot!" zong vader. Ze zeilden tassen, kampeerstoeltjes en buitenjassen in het watervoertuig terug. Dof krakend begon de grond met bomen en al in het ondermaanse weg te gorgelen. Ze plonsden al tot hun scheenbenen door de vloeistof en vonden nog ternauwernood vastigheid in de soppige bellen. Babs kreeg een bubbelbad in haar inlegkruisje.

Onderwijl kwam een energiek tuffend motorvaartuig op het verzinkende eiland afstevenen. "Meneer Bos!" riep een opvarende. Het dienstgevaarte van Bos Kalis kwam langsslijmen. Men dobberde midden op de plas - alleen de boomtoppen van het plukland staken nog boven de spiegelgolven uit. "U komt als mosterd na de mááltijd!" barstte vader uit. Maar de functionarissen deden of hij stikstof was en bepaalden hun aandacht tot de verloofde van Babs. "Uw vader zei dat u op dit plukland toefde," stak een dienstbetrekker tegen Willem van wal met een vingerwijzing naar de triomfaal lonkende en rijzende baren. Willem pakte een briefje aan en langs zijn schouder las Babs: "Willie, kom meteen naar bok 2. Ik kan niks vinden. Waar is de pijpsmeer voor de linker smeerpijp? We hebben nu dubbele sloofplicht." "Zaken zijn taken!" riep Willie, en stond al bij hen in de werkschuit, toen deze puffend vluchtte.

Toen het knalvloeken van vader afgebroken werd vernamen de zwijgenden alleen nog het tegen de wand van de plezierboot monkelen der golfjes.

Babs werd eerstejaars studievrouw en op de Polyversiteit van Amsterdam sprak Kate Killit, autrice van "Sexual Politics". Killit bleef uren lang driftig balen van de mannenmolen en vertelde de studievrouwen waarom het patriarchaat hen altijd zo nodig moest bekaksmeren met pornologisch blaambloot: omdat mannen mislukte vrouwen zijn! Op de nabespiegeling besloten de denkvrouwen dat de mannenmolen metterdaad moest worden stopgezet. Babs steunde een actiestap waarbij een gevelbord boven de ingang werd geschroefd met de nieuwe naam van de leergebouwen: "Oudevrouwhuispoort."

 

Daarna sjokzakte Babs richting Waterlooplein.

Alle toehoorders billijken dat zij zich daar opvliegend aansloot bij groenborstelige punkstertjes die in een opwelling van terecht onterechte perspectiefloosheid, klapstuk maakten van het Metropolitoerstation, door een verkeersknorbord te bezigen als rimram.

WIM HEINS

Terug naar Verhalenoverzicht